De betrokken werknemers moeten wel aan enkele voorwaarden voldoen om recht te hebben op deze onderbrekingsuitkering. Zo moest een werknemer tot op heden minstens een jaar anciënniteit hebben bij de betrokken firma alvorens hij tijdens een periode van tijdskrediet onderbrekingsuitkeringen kon ontvangen.
Deze anciënniteitsvoorwaarde wordt nu opgetrokken: vanaf 1 maart 2010 moet een werknemer twee jaar in dienst zijn bij zijn werkgever als hij van een onderbrekingsuitkering wil genieten. De termijn van twee jaar moet vervuld zijn op het moment dat hij een schriftelijke aanvraag indient voor tijdskrediet.
Deze anciënniteitsvoorwaarde van twee jaar geldt niet voor werknemers die voltijds of halftijds tijdskrediet nemen nadat zij hun recht op ouderschapsverlof hebben uitgeput voor al hun rechthebbende kinderen. Weliswaar moet dit tijdskrediet dan onmiddellijk aansluiten op hun ouderschapsverlof. Voor deze werknemers is er maar een ondernemingsanciënniteit van 1 jaar vereist.
Opgelet: de voorwaarden voor onderbrekingsuitkeringen zijn niet gelijk aan de voorwaarden voor opname van tijdskrediet!
Men moet het onderscheid maken tussen het recht op tijdskrediet en het recht op onderbrekingsuitkeringen.
Iedere werknemer heeft recht op tijdskrediet in de strikte zin (voltijds of halftijds) als hij tijdens de laatste 15 maanden voor zijn schriftelijke aanvraag (kennisgeving) gedurende 12 maanden verbonden is aan de firma via een arbeidsovereenkomst.
De anciënniteitsvoorwaarde om tijdskrediet te kunnen opnemen, beperkt zich dus tot 1 jaar. De voorwaarde om tijdskrediet op te nemen moet dus losgekoppeld worden van de voorwaarde om van onderbrekingsuitkeringen te kunnen genieten. Daar ligt de termijn immers voortaan op 2 jaar anciënniteit bij de firma.
Voorbeeld: Hans werkt 16 maanden bij de firma Kontrizone. Hij vraagt halftijds tijdskrediet aan. Hij heeft daar recht op aangezien hij reeds meer dan 12 maanden bij de firma werkt. Hans heeft tijdens zijn tijdskrediet echter geen recht op onderbrekingsuitkeringen van de RVA, aangezien hij nog geen twee jaar anciënniteit heeft bij Kontrizone.
Verhoogde uitkeringen deeltijds tijdskrediet pas vanaf 51 jaar
Oudere werknemers hebben een bijzonder recht op loopbaanvermindering. Aan dit bijzonder recht op loopbaanvermindering zijn hogere uitkeringen gekoppeld.
Tot op heden gold dit bijzonder recht vanaf de leeftijd van 50 jaar. Daar komt echter verandering in. De leeftijdsvoorwaarde wordt vanaf 1 maart 2010 opgetrokken naar 51 jaar.
Werknemers tussen 50 en 51 jaar met een bijzonder recht op loopbaanvermindering ontvangen de gewone onderbrekingsuitkeringen. Ook voor de maand waarin zij 51 jaar worden, hebben zij slechts recht op de gewone onderbrekingsuitkeringen.
Inwerkingtreding
Deze maatregelen zullen van toepassing zijn op de kennisgevingen aan de werkgever vanaf 1 maart 2010.
Zij gelden enkel voor de eerste aanvragen in het kader van het tijdskrediet, dus niet in het kader van een verlenging.