De werkneemster die zwanger is van een tweeling kan van een langere moederschaprust genieten.
Bij de geboorte van een meerling heeft de werkneemster recht op 8 weken prenatale rust in plaats van de normale 6 weken. Daarnaast kan, op verzoek van de werkneemster, de postnatale rust ook verlengd worden met 2 weken. De moederschaprust kan dus tot 4 weken extra bedragen, namelijk 19 weken in plaats van 15 weken bij een eenling.
De werknemer mag gedurende 10 dagen van het werk afwezig zijn ter gelegenheid van de geboorte van een kind waarvan de afstamming langs zijn zijde vaststaat. Dit verlof moet opgenomen worden binnen de 4 maanden te rekenen vanaf de dag van de bevalling. Ook bij de geboorte van een tweeling blijft het recht op 10 dagen in totaal.
Er bestaat een recht op ouderschapverlof per kind. Dit recht bestaat zowel voor de vader als voor de moeder. Voor een tweeling, hebben beide ouders dus recht op ouderschapsverlof voor elk kind.
Het recht op klein verlet is gekoppeld aan de gebeurtenis. Als er slechts 1 gebeurtenis is (bv. de tweeling doet op dezelfde dag zijn communie), is er in principe slechts 1 keer recht op klein verlet. Sectoraal kunnen hier wel afwijkingen op bestaan.